Vasten met je hart
Deze preekschets van Henk Post past in de veertigdagentijd. Een periode van soberheid en inkeer. De profeet Jesaja geeft aan dat vasten te maken heeft met je hart, met je daden van barmhartigheid.
Deze preekschets van Henk Post past in de veertigdagentijd. Een periode van soberheid en inkeer. De profeet Jesaja geeft aan dat vasten te maken heeft met je hart, met je daden van barmhartigheid.
Deze preekschets van Henk Post past in de tijd van Epifanie en vertelt over de betekenis van Jezus’ leven in brede zin. Jezus leert over vasten en verwachting.
In het boek Een tijdje zonder onderzoekt auteur John Oakes het fenomeen ‘vasten’. Van religieus vasten tot politieke hongerstaking en van modehype tot ziektebeeld. Hij waagt ook zichzelf aan een zevendaagse vastenperiode, waarin hij enkel bouillon en water drinkt. Het boek is gestructureerd naar die week: we lezen zeven dagen in zeven hoofdstukken, en naast veel achtergrondinformatie deelt Oakes ook zijn persoonlijke ervaringen.
Uit voorbeelden uit het jodendom blijkt dat je soms moet spreken, soms moet zwijgen. En dat je van alles kunt zeggen terwijl je zwijgt, en van alles kunt verzwijgen terwijl je spreekt. Een schilderij van Shoshannah Brombacher illustreert één zo’n joodse anekdote.
Opnieuw gaan we een veertigdagentijd in zonder samenkomsten waarin we elkaar in levenden lijve in de kerk ontmoeten. Nu was de tijd voor Pasen altijd al bedoeld als periode van verstilling, versobering en voorbereiding, maar nu voelt het nog meer als een woestijntijd vanwege het coronavirus. Sinds de vorige Pasen is de situatie rondom covid-19 bepaald niet verbeterd. We snakken naar versoepeling van de maatregelen, naar verlossing van het virus.
De gestalttherapie heeft een paradoxale kijk op verandering. We veranderen niet door te proberen te worden wat we niet zijn, maar door te worden wie we zijn. Wie tracht te veranderen doet dat door een ontbrekende tegenpool na te jagen. Je ‘moet’ je moeilijke jeugd vergeten, je lacht je verdriet weg. Maar in het ‘creatieve midden’ bevindt zich een vruchtbare leegte. Daar kom je uiteindelijk ook de ander tegen, en de Ander.
Jona’s denken over God, mensen, de schepping wordt gevoed vanuit haat. Hij denkt daardoor te klein over God en verantwoordelijkheid voor onze medemens. Het open einde laat ruimte voor de vraag hoe wij zelf die verantwoordelijkheid kunnen nemen.
Dat het leven voor iedereen een houdbaarheidsdatum heeft, daar ben ik als geestelijk verzorger in de ouderenzorg tot in mijn haarvaten van doordrongen. Het besef van kwetsbaar leven en eindig […]
In haar boekje Zomaar een godsvermogen beschrijft Margot C. Berends wat voor haar waardevol is, aan de hand van twaalf dierbare objecten op haar bureau. Ze geeft daar het woord ‘God’ aan. Zo noemt ze het vermogen om in gedachten naar een mooie plek te gaan een ‘godsvermogen’. Verbeeldingskracht: dat is God.