Menu

None

‘Heil’ in een seculiere tijd

Waterverf tekening van een kruis
(Beeld: Chitraporn Nakorn via iStock)

In een themanummer beginnen we altijd met een inleiding. Waar gaat het over? Wat is ‘heil’ eigenlijk en wat doet die seculiere tijd ertoe? De artikelen op een rij, met een korte aanduiding van de inhoud, geeft al een mooie rode draad.

Waar zien we in onze dagen ‘heil’ in? Wat is ‘heil’ eigenlijk? Hoe maak je het Evangelie van Jezus Christus verstaanbaar voor mensen van nu? Wat bedoelen we bijvoorbeeld als we spreken over ‘verlossing ’ en ‘redding ’? Wie zou er gered moeten worden, we worden toch geacht zelfredzaam te zijn?

Het zijn niet de minste vragen die we in dit themanummer aan de orde willen stellen. Dat heeft te maken met de grote veranderingen in onze samenleving. In het verleden leefden grote delen van de kerk met een helder plaatje: door het lijden, het sterven en de opstanding van Jezus Christus zijn we verzoend met God, kunnen we leven als bevrijde mensen en ligt de weg naar de eeuwigheid open. Zonder Christus is er onheil en gaan mensen verloren. Dat was een duidelijke boodschap.

Maar dat plaatje is tegenwoordig niet meer zo helder. Er is veel met ons gebeurd. We ademen seculiere lucht in. We leven en werken samen met respectabele mensen met heel andere levensovertuigingen. Andere religies zijn dichtbij gekomen. Ons wordt voorgehouden dat er maar één leven is en dat leven is hier en nu. You only live once (YOLO) is een gevleugelde uitdrukking geworden. En zo is er nog meer verschoven. We leven niet in een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperk, zei ooit iemand. En zo kan het ook voelen, onze wereld is echt een andere dan een paar decennia geleden.

Al die verschuivingen hakken er wel in. Ze kunnen ons geloof behoorlijk raken. Wat is christelijk ‘heil’ anno nu? Is er nog altijd reden om mensen te winnen voor het Evangelie of moeten we ieder in zijn of haar eigen waarde laten?

Het gaat hier om zeer wezenlijke vragen waarvan we vinden dat ze ook in het Ouderlingenblad aan de orde moeten komen. Daarom dus dit themanummer. Ik introduceer de artikelen kort.

Korte inhoudsopgave

We beginnen met twee praktijkverhalen, beide uit de wereld van het pionieren. Juist daar steekt het nauw: hoe kunnen we als kerk van belang en verstaanbaar zijn voor mensen die niet vertrouwd zijn met het christelijk geloof?

Corine Zonnenberg pioniert in Rotterdam-Charlois en ziet daar dat eenzaamheid en isolement een diep probleem is. Het accent in haar werk ligt dan ook bij ontmoetingen en het opbouwen van gemeenschap. Rik Zwalua is pionier in Den Haag en komt vooral jonge mensen tegen. Ze hebben te maken met druk en drukte en vragen zich af wat het leven betekenis geeft. De vraag ‘Waar ben je thuis?’ blijkt het begin te kunnen zijn van diepe gesprekken over zin en richting. Verlangens blijken ook religieuze verlangens te kunnen zijn.

De volgende artikelen proberen ‘heil’ op een verstaanbare manier te verwoorden. Sam Janse trapt af met een korte rondgang door de Bijbel. Het gaat om het goede leven voor het aangezicht van God. Hij schrijft dat het goede leven het leven is dat in alle relaties integer en harmonisch geleefd kan worden. Hij denkt dan aan de relatie met God, met mensen om ons heen en met de schepping. Wat gebeurt er met ons als God uit beeld raakt? Is er dan bijvoorbeeld nog een adres voor dankbaarheid?

We leven niet in een tijdperk van verandering, maar in een verandering van tijdperk

Henk de Roest concentreert zich op Jezus. Hij is het hart van het christelijk geloof, maar dat hart raakt gelovigen (en trouwens ook niet gelovigen!) op verschillende manieren. De Roest onderscheidt er drie: Jezus als zaligmaker, Jezus als gemeenschapsstichter en Jezus als voorsmaak en teken van Gods nieuwe wereld.

De eeuwigheid en de hemel lijken hun tijd te hebben gehad in onze samenleving. We leven hier én nu. Dat ziet ook Arjan Markus, maar hij legt zich niet neer bij een onjuist beeld van Gods toekomst. Die toekomst is niet iets als een eeuwig pensioen, maar heeft te maken met Gods Nieuwe Wereld en haar gerechtigheid.

Nelleke Plomp buigt zich over schuld en schaamte. Is het waar dat we opschuiven van een schuld- naar een schaamtecultuur? Daarover is het laatste woord uiteraard nog niet gezegd, maar het loont wel de moeite met een schaamtebril het Evangelie te herlezen. Hoe komt Christus ons bevrijdend tegemoet in onze schaamte?

Zelf heb ik geprobeerd het denken van Stefan Paas rond ‘heil’ samen te vatten. Voor hem is het woord ‘vrede’ de diepe kern van het Evangelie. ‘Vrede’ is een woord dat iedereen direct begrijpt en vanuit dit begrip probeert hij het Evangelie uit te leggen aan bijvoorbeeld vrienden en collega’s. Hij schreef er twee boeken over, waarvan het tweede in de loop van dit jaar nog moet uitkomen.

Het laatste woord rond ‘heil’ wordt uiteraard ook niet in dit themanummer gesproken. We hopen wel dat dit nummer ook in plaatselijke kerken bijdraagt aan open, eerlijke en opbouwende geloofsgesprekken. Gespreksvragen bij meerdere artikelen helpen wellicht daarbij.

Sake Stoppels is emeritus-lector Theologie aan de Christelijke Hogeschool Ede (CHE). Hij is tevens lid van de redactie van Ouderlingenblad.


Heil in een seculiere tijd
Ouderlingenblad 2025, nr. 2

Wellicht ook interessant

Nathan en Rozamaryn
Nathan en Rozamaryn
Basis

De scheuren van het mens-zijn

Gen Z lijkt meer interesse te hebben in religie, klopt aan bij kerken en staat open voor zingevingsvragen. Hun mentale gezondheid gaat achteruit door prestatiedruk, sociale media, oorlogsdreiging, klimaatcrisis en woningnood. Stevige uitspraken. Maar wat is het perspectief van de jongeren zelf? Hoe ervaren zij de aan hen toegeschreven ‘zoektocht naar zin’? Nathan en Rozamaryn, de Jonge Theologen der Nederlanden, schrijven elke maand een column over wat hun eigen generatie beweegt. Deze maand de column van Rozamaryn over ‘in relatie leven’.

Donkere ruimte met open deur waarachter licht schijnt
Donkere ruimte met open deur waarachter licht schijnt
None

Begint het echte leven pas na de dood?

In de nasleep van 9/11 vond de FBI op Boston Airport een koffer die door een logistieke fout van het vliegveld niet was overgeladen bij een overstap. De koffer was van Mohammed Atta die uiteindelijk in de media het gezicht van de kapers zou worden. In de koffer zat een brief met instructies voor de laatste uren van de kapers. “Lach de tegenspoed toe, jongeman, want je bent op weg naar het paradijs”, stond er onder meer, een regel uit een traditioneel Arabisch gedicht. Het draait niet om dit leven maar om wat erna komt, was de strekking.

Nieuwe boeken