< Terug

Door het water

In bijna alle religies speelt water een rol. Vooral bij rituelen, die vaak een overgang markeren. Je gaat het water in, om je te zuiveren. Je gaat door het water, kopje onder, alsof je door de dood gaat, en als een nieuw mens kom je boven. Of je giet het water uit, om nieuw leven te verspreiden. Vijf voorbeelden.

Verdienste schenken

‘Zoals de regen neervalt op het hoogland en omlaag vloeit naar de lage landen, zo zal hetgeen hier geschonken is de hongerige geesten goed doen.’

Alle daden die je verricht in je leven hebben een effect, positief of negatief – en die energie komt weer terug op je levenspad als verdienste of als negatief karma. Verdiensten brengen je geluk in de toekomst: in dit leven of als voorspoed in een volgend leven. In plaats van de verdienste voor jezelf te houden kun je haar, volgens de Zuid-Aziatische boeddhistische traditie, ook weggeven. Bij een ceremonie van toevluchtname, zeg maar: de boeddhistische doop, ziet dat er zo uit: Alle aanwezigen wordt gevraagd de hand te leggen op de schouders van wie voor of naast hen zit, en zo verder tot degenen die toevlucht nemen. Uiteindelijk rust één hand op de schouder of de hand van de lerares (of leraar) die de aanwezigen toespreekt. Zij schenkt water in een kom en bidt dat de verdienste die door de toevluchtname bij de aanwezigen ontstaan is, geschonken wordt aan alle levende wezens. Ten slotte gieten de nieuwe boeddhisten het water met een persoonlijk gebed uit bij een boom.

‘Zoals de gezwollen rivieren de oceaan voeden, zo zal wat hier is geschonken alle levende wezens begunstigen.’ (uit de Theravada Boeddhistische Geschriften)

DIANA VERNOOIJ IS BOEDDHIST, CHRISTELIJK VOORGANGER EN MANAGER SOCIAAL ONDERNEMERSCHAP (WWW.DIANAVERNOOIJ.NL).

De doop doe je niet alleen

Met de volwassendoop leg je een geloofsgetuigenis af. Je laat aan iedereen weten dat je gelooft en wat het voor jou betekent. Met de doop ga je helemaal kopje onder. Je laat daarmee je oude leven achter je en staat weer op met Jezus. De doop doe je niet alleen. Er staat een hele gemeente om jou heen. Je bevestigt jouw relatie met God en ook die met de gemeente.

Wij, Letta & Anneke, hebben over de doop nagedacht door deel te nemen aan de doopcatechese van onze gemeente Silo. Je gaat een paar avonden in gesprek met de dominee en leest wat de bijbel over de doop vertelt.

Letta: ‘Ik was al een aantal jaren met allerlei taken voor de gemeente bezig. Zelf deed ik aan de doopcatechese mee als steun voor iemand anders. Toen kwam bij mij het gevoel: ja dat is goed zo, ik wil staan voor mijn geloof en wil gedoopt worden.’ Anneke: ‘Ik wilde graag lid worden van Silo. Bij ons is het gebruikelijk om je dan te laten dopen. Daar had ik eerder nog niet over nagedacht. Ik werd nieuwsgierig en ben naar de doopcatechese gegaan. De bijbelverhalen over de doop vond ik erg mooi. Het liet mij niet los. Toen er in de gemeente een doopdienst werd aangekondigd, heb ik mijn besluit genomen.’

LETTA VAN DER HORST EN ANNEKE BRUIN ZIJN LID VAN BAPTISTENGEMEENTE SILO IN UTRECHT.

De doop was voor ons beiden een ontzettend mooie en bijzondere ervaring. Je voelt: ik ben een drempel over en ik sta voor mijn geloof.

‘Met de doop ga je helemaal kopje onder’

In de Bijbel lees je vele verhalen hoe mensen God-zij-dank dóór het donkere, dodelijke water heen trekken, naar licht en nieuw leven. De doop is daar het teken van het verbond van God met de mensen.

Bedevaart naar de Ganges

Hindoes beschouwen de rivier de Ganges in India als een heilige rivier. Als je minimaal één keer in je leven een bad in dit water hebt genomen en een vereringsdienst hebt gedaan, zijn je zonden en ziekten weggewassen, gelooft de hindoe. Ook wordt tijdens de vereringsdienst gebeden om de zielenrust van de voorouders. Het uiteindelijke doel van de hindoe is om verlossing (moksha) te verkrijgen van het aardse leven.

Onder andere in Haridwar (in het noorden van India, aan de voet van de Himalaya) en in Varanasi (zuidelijker) zijn er bedevaartsplaatsen waar hindoes een bad kunnen nemen in de Ganges, ook wel Ganga Nahaan genoemd. Hindoes van over de hele wereld trekken naar deze plaatsen voor hun ritueel bad. Omdat de Ganges uiteindelijk uitmondt in de Indische Oceaan en deze oceaan weer verbonden is met alle andere oceanen, kan feitelijk alle water als heilig worden beschouwd. Hindoes die naar de Ganges zijn geweest nemen meestal een flesje Ganges-water mee naar huis. Dit wordt gebruikt bij huisdiensten of toegediend aan terminaal zieken. Het heilige water wordt als reinigend en verlossend beschouwd.

Laatste eerbetoon

Kenmerkend voor de katholieke uitvaartliturgie is dat bidden voor de overledene vruchtbaar kan zijn. Dat wordt vooral uitgedrukt in de absoute of laatste aanbeveling ten afscheid, die plaatsvindt vlak voordat de overledene de kerk verlaat. In de klassieke vorm, de uitvaartmis, besprenkelt de priester het lichaam met wijwater, waarna hij het bewierookt. Beide handelingen worden begeleid door passende gebeden.

‘Absoute’ komt van het Latijnse absolutio, wat ‘losmaking’ of ‘bevrijding’ betekent. Oorspronkelijk is de absoute namelijk een laatste smeekgebed om vergiffenis van de zonden van de overledene. Maar tegenwoordig is het vooral een laatste eerbetoon aan de overledene, waarna deze door de nabestaanden en de verzamelde geloofsgemeenschap in de handen van God wordt gelegd, in de hoop dat Hij deze geliefde mens in zijn eeuwige liefde zal voltooien. Water vloeide over het hoofd van de gestorvene toen deze het doopsel ontving. Nu wordt hij of zij opnieuw besprenkeld met gewijd water. Hoewel de dood van een geliefde mens ons rauw op het dak kan vallen, kan de absoute de nabestaanden het gevoel geven dat de cirkel van diens leven rond is, nu zij hun dierbare toevertrouwen aan God, die de bron van alle leven is – in het bijzonder van deze unieke, onvervangbare mens.

VICTOR BULTHUIS IS PRIESTER VAN HET AARTSBISDOM UTRECHT.

In het mikweh word je opnieuw geboren

‘Zacht klinkt nu de stem van de rabbijn. ‘Het is geen doop, het is geen bad in de zin van zeep en water. Wie zich in het mikweh onderdompelt, wordt een nieuw mens. Hij krijgt een nieuwe ziel.’’ Uit: ‘Dit zijn de namen’, Tommy Wieringa. De Bezige Bij, Amsterdam, 2012 (p. 130)

Je onderdompelen in een mikweh, een ritueel bad, is al een hele oude joodse traditie. Het water in een mikweh is altijd ‘levend water’, van natuurlijke oorsprong – regenwater, smeltwater. Iedere zee, rivier of beek, ieder meer is van zichzelf al een mikweh.

In het mikweh gaan is een spirituele zuivering, een soort opnieuw geboren worden; het markeert overgangen in je leven, die daar een extra dimensie door kunnen krijgen: de overgang van ‘wereldse’ naar ‘heilige’ tijd bijvoorbeeld, als je je onderdompelt voordat een joodse feestdag begint, of de overgang van niet-joods naar joods. Maar ook kankerpatiënten die met chemotherapie beginnen of daarmee klaar zijn, of mensen die een traumatische ervaring hebben gehad, kunnen een ritueel bad nemen.

Traditioneel gaan joodse vrouwen na iedere menstruatie in het mikweh. Je hoeft dat niet als een lichamelijke reiniging te zien. Sommige vrouwen zien het als een erkenning en heiliging van vrouwelijke seksualiteit. De gang naar het mikweh markeert dan het begin van een nieuwe vrouwelijke cyclus.

Je gaat helemaal naakt het mikweh in, zonder één barrière tussen het water en jou – geen sieraad, contactlens, nagellak of vuiltje in je neus. Je dompelt jezelf drie keer helemaal onder en je zweeft in het water, zonder de randen of de bodem van het bad te raken. Daarbij zeg je zegenspreuken.

ESTHER VAN DER PANNE

< Terug