< Terug

The Great Filter

Maandag is de dag van de Theologenblog; een actuele blog uit de pen van een richtinggevend theoloog. Deze week is dat Maaike Harmsen, die schrijft over waarom theologen iets over ruimtevaart zouden zeggen.

Portret Maaike Harmsen (beeld Maarten Boersema)

Maaike Harmsen (beeld Maarten Boersema)

Raketbouw krijgt met The Great Filter een religieuze dimensie: het biedt een hoger doel.

Een paar maanden geleden was ik als rolstoelbegeleider aanwezig bij een open dag voor mensen met een handicap bij de European Space Agency (ESA) laboratories in Noordwijk. Ik was er die dag om te helpen met koffie halen en eventuele drempels te slechten en we hadden samen een topdag, Harco en ik.

Het thema van de dag was Inventing the Future. Ik vroeg aan André Kuipers welk land het eerst een mens op Mars zou zetten, en hij was er vrij zeker van dat dat het bedrijf SpaceX zou zijn. Een andere ESA onderzoeker sprak over de toekomst van de ruimtevaart, en zei enthousiast dat zijn industrie in de afgelopen jaren nog niet zo interessant was geweest, en dat kwam voornamelijk doordat commerciële ruimtevaartbedrijven grote ontwikkelingen mogelijk maakten.

Theologie en technologie

Ruimtevaart ligt natuurlijk buiten mijn comfortzone als theoloog, maar nadenken over waarom ruimtevaart en wetenschappelijk onderzoek naar en in de ruimte nodig is, niet. Theologen hebben namelijk overal een mening over. Daarnaast past het thema goed in mijn prekenserie over technologie en toekomstige ontwikkelingen. Ik deel er hier graag het een en ander van.

De opdracht om te cultiveren, gaat niet zozeer over macht hebben over de natuur, maar over samenleven met de natuur

Nu is het mogelijk om technologie af te doen als de voortgaande ontwikkeling die mensen doormaken en zelf initiëren, en die besproken moet worden binnen het raamwerk van drie christelijke kernwaarden[1]:

  1. Voorzichtigheid: indien de gevolgen onbekend zijn;
  2. verzet: als de gevolgen schadelijk zijn; of
  3. vooruitgang: menselijke ontwikkeling is in zichzelf niet verkeerd.

Dit stamt uit de oude kuyperiaanse traditie die stelt dat wij zijn geschapen met de opdracht om te cultiveren. Weliswaar is dat meer bedoeld als samen te leven met de natuur dan de natuur te beheersen en er controle over te hebben, zoals Schuurman terecht waarschuwt.[2] Maar in principe staat de theologische traditie niet negatief tegenover technologie.

The Great Filter

Er zijn wel weer nieuwe aanleidingen om die denktraditie onder de loep te nemen: bijvoorbeeld de hedendaagse ruimtevaart, kunstmatige intelligentie, embryonaalachtige, doorontwikkelde stamcellen, en CRISPR-technieken. Maar het gaat niet alleen om specifieke hedendaagse technieken; er zijn ook nieuwe denklijnen ontstaan uit onze technologisch gedreven samenleving, die de moeite waard zijn om te onderzoeken. Eén daarvan is The Great Filter.

Het idee van The Great Filter is ontstaan uit een ander vraagstuk, de Fermiparadox genaamd. Deze paradox gaat als volgt. Waarom zijn wij de enige planeet met leven dat bewustzijn heeft, in het heelal? Veel planeten zijn ouder dan de onze – onze planeet is middelmatig vergeleken met anderen, volgens Heino Falcke.[3] Als er leven op een andere planeet zou zijn, en dit leven zou zich ontwikkelen zoals wij dat doen, zou er ook een beschaving tot stand moeten komen. Aangezien veel planeten ouder zijn dan de aarde, is de kans ook groot dat deze mogelijke beschavingen meer ontwikkeld zijn. Maar als deze er zijn, waarom heeft geen enkele van deze beschavingen dan contact met ons gezocht?

Je kunt iedere grote ontwikkeling van een levensvorm zien als een barrière die beschavingen filtert

Barrières als filters

The Great Filter is bedacht door een statisticus, Robert Hanson, die bedacht dat het statistisch heel bijzonder is dat wij bestaan zoals wij bestaan op aarde. Er zijn allerlei barrières in de evolutie, zoals dat het misschien wel ontzettend moeilijk is om van niet-levend materiaal door te ontwikkelen naar levende cellen. Misschien is er daarom nog geen leven gevonden op andere planeten. Evengoed kan het erg moeilijk zijn om van een planeet af te komen als beschaving. Misschien is dat waarom buitenaards leven nog geen contact met ons heeft gelegd. Er zijn dus barrières in iedere cultuur die moeten worden overkomen om door te kunnen ontwikkelen tot een beschaving die buiten het eigen sterrenstelsel komt.

Robert Hanson benaderde die barrières als filters en zag ze terug in de verschillende beschavingen die aarde gehad heeft. Zo kan ook onze beschaving wel lijken te ontwikkelen, maar plotseling terugvallen in een ontwikkeling of zelfs stoppen zich te ontwikkelen.

Het filter en zingeving

Elon Musk, de hoofdingenieur van SpaceX, heeft meermalen aangegeven dat hij vreest dat dit nu ook gebeurt in Amerika. NASA is niet meer zelf in staat om een raket te bouwen die mensen buiten de dampkring brengt. NASA had Mars zelfs niet meer op hun website staan rond het jaar 2000, wat Musk ertoe zette om zijn eigen ruimtevaartbedrijf op te richten ––dus specifiek met de wens om de mensheid multi-planetair (multi planetary)te maken.[4]

De succesvolle gedrevenheid waarmee SpaceX bouwt aan raketten is bijzonder, en goed te volgen op social media.[5] Die gedrevenheid wordt gemotiveerd vanuit het idee van The Great Filter. ‘We must pass the Great Filter,’ schreef Musk meermaals aan zijn meer dan 60 miljoen volgers op Twitter. We moeten verder komen als samenleving, en technologische vooruitgang in de ruimtevaart is de manier om dat doel te bereiken. Het passeren van dat filter is een reden om te willen bestaan, om kleur te zien in je leven, om uit je bed te komen in de ochtend.

Drie theologische opmerkingen

En zo krijgt raketbouw religieuze dimensies; buiten het gewone dagelijkse zichtbare bestaan is er een hoger doel waar alles voor opgegeven moet worden. En er is nog te weinig theologisch en-of christelijk over gezegd.[6] Ik stip daarom drie dingen aan.

In de eerste plaats zou er meer gesprek moeten zijn over de mogelijkheid van leven buiten onze planeet bij theologen. Je hoeft dan niet speciaal te denken aan buitenaardse wezens, maar eencelligen zouden ook al heel interessant zijn. Theologen hebben niet altijd vooraan gestaan in het accepteren van een ontdekte werkelijkheid. Vroeger keek Galilei door de telescoop naar de kraters op de maan, en theologen waren boos en verbijsterd over diens constateringen, omdat ze niet pasten in hun visie op het bovenaardse. Achten wij het onmogelijk dat er leven buiten onze planeet is, zolang de telescoop nog niets gevonden heeft?  

Het passeren van dat filter is een reden om te willen bestaan, om kleur te zien in je leven, om uit je bed te komen in de ochtend

Een ander punt van The Great Filter-beweging, is de gerichtheid op wat buiten de dampkring is: het reiken naar een andere planeet. Waarom bestaat die gerichtheid naar buiten toe? Is onze cultuur niet kwetsbaar door wat zij nalaat aan de meest kwetsbaren? Gaan beschavingen niet ook kapot door nalatigheid ten opzichte van de huidige planeet, en de beschaving die we daarop vormen?

En tenslotte: laten we eens in een scenario denken waarin er over 50 jaar een kolonie is op Mars, en stel je voor dat je daar werkt en leeft als christen, naast en met de andere marsbewoners. Hoe ziet je leven en geloof er dan uit? Boeiende vragen, die nu al gesteld kunnen worden. Ik ben er nog niet uit.

Noten

[1] Maarten J. Verkerk, Jan van der Stoep, Jan Hoogland & Marc J. de Vries (red.), Denken, ontwerpen, maken. Basisboek Techniekfilosofie (Amsterdam: Boom, 2007).

[2] E. Schuurman, Perspectives on technology and culture (Institute for Reformational Studies, 1994).

[3] Heino Falcke, Licht in de duisternis. Zwarte gaten, het universum en wij (Amsterdam: Prometheus, 2020).

[4] https://www.spacex.com/mission.

[5] Mislukkingen worden ook gedeeld; een filmpje over alle mislukte raketlandingen van het bedrijf, is zeer populair. “How Not to Land an Orbital Rocket Booster,” YouTube: https://www.youtube.com/watch?v=bvim4rsNHkQ.

[6] Ik heb voor het Amerikaanse platform Biologos eerder geschreven over de kolonisatie van Mars, https://biologos.org/articles/colonizing-mars-evaluating-the-why.

Hij wordt de ‘doctor seraphicus’ genoemd, Bonaventura (1221-1274). Is het omdat hij in zijn contemplatieve oeuvre zo vaak zinspeelt op de serafijnen? In zijn boek ‘deDe reis van de ziel tot in God’ is de seraf met zijn drie keer twee vleugels het compositie-motief voor het hele werk, zowel naar vorm als naar inhoud. Ik word steeds weer tot dit ‘stille tijd ’ boekje’ getrokken en hoop dat ik in deze blog iets van vonken kan laten overspringen: – seraf komt tenslotte van saraf, vuur.

Wil van den Bercken laat zien dat nieuwe ontdekkingen in de kosmos de vraag naar God een nieuwe urgentie geven. Deze studie onderzoekt of de moderne heelalkunde onvermijdelijk tot atheïsme moet leiden. Op originele wijze betoogt Van den Bercken dat God weliswaar afwezig is in de kosmos, maar dat dit niet hoeft te betekenen dat God niet zou bestaan.

uit sterrenstof gemaakt

< Terug