Verdrietige pijn
Bij Marcus 1,21-28 ‘Heb je ook wel eens pijn in je angel, wesp?’ vroeg de bij op een keer aan de wesp. ‘Nee,’ zei de wesp. ‘Maar pijn in mijn […]
Bij Marcus 1,21-28 ‘Heb je ook wel eens pijn in je angel, wesp?’ vroeg de bij op een keer aan de wesp. ‘Nee,’ zei de wesp. ‘Maar pijn in mijn […]
Soms zijn er momenten waarbij je ervaart dat de stormen en de watervloeden over je hoofd heen woeden. De kracht van het onrecht, de onmacht, het verdriet is te groot. En als mensen je willen troosten, helpt het niet. Je staat midden in de waterstromen, de stormen woeden in en om je heen.
Bij Handelingen 6,1-7 Wie is verantwoordelijk? Wie beslist? Hoe geef je leiding? De tekst presenteert ons een mooi staaltje cybernetica, spoort ons als gemeente aan tot onderlinge zorg en eenheid […]
Matteüs 18 laat zien dat ook de vroegste gemeente zich met uitdagingen omtrent de interne orde geconfronteerd zag. De omgang met schuld en vergeving speelde daarbij een centrale rol. In Matteüs 18:21-35 stelt Jezus dat de roeping tot vergeving geen grenzen kent. Tegelijkertijd schetst Hij hoe deze vergeving via een weg van berouw en het inzien van schuld bereikt wordt. Een recentelijk naar voren gebrachte notie dat vergeving in het Nieuwe Testament alleen door een hoger aan een lager geplaatste geschonken kan worden, vindt hier dus geen basis.
Op de vraag ‘waarom ik blijf’ is het antwoord heel eenvoudig ‘omdat het me niet loslaat’. Het… God en geloof, de Bijbel, de familiepsalm, de eigen geschiedenis van zoeken en vragen en vinden.
Bij Lucas 22,39-46 Dit is de eerste zondag in de Veertigdagentijd. In deze periode komen regelmatig erg spannende verhalen aan de orde. Ik merk ook aan mijn eigen kinderen dat […]
Iedere kerkgemeenschap komt in en via gemeenteleden in aanraking met dementie. Hier komt de vraag aan de orde hoe mensen met dementie en hun partners en kinderen deel uitmaken van de gemeente, hoe zij hun ervaringen kunnen delen en op verhaal kunnen komen.
Bij Exodus 32,7-14, Psalm 103,8-12 en Matteüs 18,21-35 ‘Niemand, zelfs God niet, kan vergeven wat ik mijn naaste heb misdaan.’ En: ‘Een wereld waarin vergeving almachtig wordt, is onmenselijk.’[1] Vgl. […]
Degene vergeven die jou iets heeft aangedaan, of die iemand die jou lief is te na komt: soms is dat echt teveel gevraagd. Toch bidden we met Jezus mee: vergeef ons onze schulden zoals ook wij vergeven hebben, wie ons iets schuldig was. Want zonder vergeving hebben we geen leven.